Algemeen Vlaams

Deze site is nog in vollen opbouw. Den boomstructuur hieronder word geleidelijk uitgebouwd op basis van onze discussies in de forums - komd gerust meediscussiŽren!
I. Beschouwingen
II. Spelling en uitspraak
III. Grammatica
IV. Woordenschat
V. Teksten

2.1 De uitgangen -e en -en

GecreŽerd door Krommenaas. Laatst gewijzigd op 15 juni 2011 door Doederik.

Vele Vlaamse woorden eindigen op -e of -en. Eigenlijk gaat het hier om vier verschillende uitgangen die zich elk anders gedragen.

 

We zullen deze uitgangen veelvuldig tegenkomen in de Vlaamse grammatica, o.a. bij alle verbogen woorden. In dit hoofdstuk zullen we hen elk afzonderlijk benoemen en hun eigenschappen bespreken.

 

2.1.1 De zwakke uitgang -(e)

Bij woorden met de zwakke uitgang -(e) wordt de eind-e niet uitgesproken wanneer het volgende woord met een klinker begint. We geven dit weer door de eind-e te vervangen door een weglatingsteken.

 

Bij woorden met de zwakke uitgang die uit twee letters bestaan, zoals g(e), laten we bij het wegvallen van de e geen spatie meer tussen de overgebleven letter en het volgende woord, bijvoorbeeld in g'eet te veel. Deze schrijfwijze is volledig analoog aan de Franse, bijvoorbeeld in l'art d'Ítre.

 

Andere voorbeelden van tweeletterige woorden met de zwakke uitgang -(e) zijn w(e) en z(e).

    • we zullen iederen dag oefenen
    • w'oefenen iederen dag
    • ze zal te laat zijn
    • z'is te laat

 

Voorbeelden van langere woorden met een zwakke uitgang -(e) zijn verbogen adjectieven zoals slecht(e) en volgend(e) wanneer die bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord of bij een meervoud staan.

    • da's een slecht' organisatie [da-z-Žn slťchT-organizaasi]
    • de volgend' oefening [dŽ volgŽnD-oefŽning]
    • 'k zag naakt' Amazone-Indianen

 

De zwakke uitgang -(e) wordt niet uitgesproken wanneer het volgende woord met een klinker begint. We geven dit weer door hem te vervangen door een weglatingsteken. Wanneer daardoor slechts ťťn letter overblijft noteren we geen spatie voor het volgende woord.

 

In de schrijftaal - dus wanneer we geen gesproken Vlaams weergeven maar ons rechtstreeks in Vlaamse schrijftaal uitdrukken - zullen we het wegvallen van de zwakke uitgang nog altijd weergeven bij de tweeletterige woorden zoals g(e) en w(e). Bij de langere woorden laten we, omwille van de leesbaarheid, de eind-e dan echter gewoon staan. De bovenstaande voorbeelden worden dan:

    • da's een slechte organisatie [da-z-Žn slťchT-organizaasi]
    • de volgende oefening [dŽ volgŽnD-oefŽning]

 

2.1.2 De sterke uitgang -e(n)

Bij woorden met de sterke uitgang -e(n) wordt de -e- wel altijd uitgesproken en genoteerd. De eind-n wordt enkel uitgesproken en genoteerd wanneer het volgende woord met een klinker begint.

 

Voorbeelden van woorden met de sterke uitgang -e(n) zijn verkleinwoorden zoals manneke en hondsje.

    • het manneke zonder kop
    • het manneken in de maan
    • mijn hondsje bijt ni
    • mijn hondsjen is lief

 

De eind-n van de sterke uitgang -e(n) wordt enkel uitgesproken en genoteerd wanneer het volgende woord met een klinker begint.

 

2.1.3 De sterkere uitgang -en

Bij woorden met de sterkere uitgang -en wordt de eind-n altijd uitgesproken wanneer het volgende woord met een klinker begint. Ook wanneer het volgende woord niet met een klinker begint wordt de eind-n hier door sommige Vlamingen (vooral West-Vlamingen) toch uitgesproken, maar door andere Vlamingen niet.

 

We zullen de eind-n van deze uitgang zowiezo altijd schrijven, omdat hij vooral gebruikt wordt in meervoudsvormen zoals mannen en zullen en dus geen enkele moeilijkheid oplevert bij het lezen, ook niet voor wie de eind-n niet uitspreekt.

    • de mannen aan den overkant [mannŽN-aan]
    • de mannen van den overkant [mannŽ van] of [mannŽN van]
    • we zullen eens gaan zien [zullŽN-eens]
    • we zullen wel zien [zullŽ wel] of [zullŽN wel]

 

De sterkere uitgang wordt altijd geschreven als -en. De eind-n wordt door sommigen altijd uitgesproken, door anderen alleen wanneer het volgende woord met een klinker begint.

 

Merk op dat voor de tweede groep de sterkere uitgang -en qua uitspraak identiek is aan de sterke uitgang -e(n).

 

2.1.4 De mannelijke uitgang -e[n]

De mannelijke uitgang is zonder twijfel de meest bijzondere van de vier. Hij neemt altijd de vorm -e of -en aan, volgens een regel die op het eerste zicht nogal eigenaardig lijkt maar die geen enkele uitzondering kent.

 

De eind-n van de mannelijke uitgang -e[n] wordt enkel uitgesproken en genoteerd wanneer het volgende woord begint met een klinker of met een b, een h, een d of een t.

 

We noemen deze uitgang de mannelijke uitgang omdat hij hoofdzakelijk voorkomt in verbogen woorden die bij een mannelijk zelfstandig naamwoord horen. Voorbeelden zijn de bijvoeglijke naamwoorden slechte[n] en kleine[n] - maar dus alleen bij een mannelijk woord!

    • ne slechten bakker (mannelijk) een slechte bakkerin (vrouwelijk)
    • ne slechten dokter, ne slechten hond, ne slechten toren, ne slechten operazanger
    • ne slechte verpleger, ne slechte vis, ne slechte weg, ne slechte film
    • ne kleinen boŰt, ne kleine veerboŰt

 

Voor een b kan de eind-n van de uitgang als een [m] klinken, maar dat is gewoon een vorm van assimilatie die altijd optreedt wanneer een n voor een b staat, zoals bvb. ook in Istanboel [istamboel].

 

 

 

NB uitzondering: In de zuiderkempen, het hageland en Limburg komt er gťťn n voor woorden die met b beginnen; enkel voor d, t, h en klinker dus. Daar heet het dan ne bakker, de beste bakker maar wel nen hond, nen tak.


Forumdiscussie over dit artikel — 31 berichten