6.11 Salut en tot ziens
misschien ben 'kik wel diegene
meh wie uw lief u bedriegd
maar dan kijk ek heel onschuldig
en is 'er niemand die da in mij zied
da's een kwaliteit waar
ge jaloers op kund zijn
en ik wil wel jong
en onbezonnen zijn
en ik wil in god geloven
ik wil soms efkes dood zijn
maar ik kan u nieks beloven
en ik wil een minder dik gat
in mijn memorie
misschien hadden we gisteren
nen aangename nacht
maar ik kan u nieks beloven
ik kan u nieks beloven
da' ga nie' gaan
ik kan u nieks beloven
da' ga' nie gaan
en ik wil wel wa socialer zijn
ik wil altijd weten wa te zeggen
dan zou ik et u med veel plezier uitleggen
ook al valt er eigenlijk nieks meer te zeggen
alleen mijn tante zou mijn
nonkel zijn, had ze kloten
maar ik zeg et, ik kan u nieks beloven
ik kan u nieks beloven
da' ga nie' gaan
ik kan u nieks beloven
da' ga nie' gaan
en ik ken nie' veel van hout
maar gij zijd uit et
goede hout gesneden
ge zijd alleen nie wa' da
'kik zoek in dit leven
da's toch diplomatisch geformuleerd
ik heb et dan ook van de beste geleerd
salut en tot ziens
en doe de groeten aan uw lief
salut en tot ziens
doe de groeten aan uw lief
nee, ik kan u nieks beloven
nee da' ga nie' gaan
ma gij kund mij ook nieks beloven
het is beter da' ge weggaad
salut en tot ziens
en doe de groeten aan uw lief
salut en tot ziens
doe de groeten aan uw lief

