Algemeen Vlaams

Deze site is nog in vollen opbouw. Den boomstructuur hieronder word geleidelijk uitgebouwd op basis van onze discussies in de forums - komd gerust meediscussiren!
I. Beschouwingen
II. Spelling en uitspraak
III. Grammatica
IV. Woordenschat
V. Teksten

3. Lidwoorden

Gecreerd door Krommenaas. Laatst gewijzigd op 4 augustus 2010 door Grytolle.

Lidwoorden zijn woorden zoals een en de die men vr zelfstandige naamwoorden kan plaatsen.

 

3.1 Onbepaalde lidwoorden

Het Nederlands kent maar n onbepaald lidwoord, namelijk "een". In het Vlaams hangt het lidwoord af van het geslacht van het zelfstandig naamwoord.

 

mannelijk vrouwelijk onzijdig
enkelvoud ne[n] een een
meervoud -

 

Het onbepaald lidwoord ne[n] voor mannelijke zelfstandige naamwoorden heeft de mannelijke uitgang -e[n]. De eind-n wordt dus enkel toegevoegd wanneer het volgende woord met een b, d, h, t of klinker begint.

    • nen trein, ne stomtrein
    • nen bot, nen duikbot, ne stomboot
    • ne panter, ne leuw, nen tijger, nen hond
    • een vrouw, een boeleke

 

Let op: het volgende woord hoeft niet noodzakelijk het zelfstandig naamwoord zelf te zijn.

    • nen dokter, ne goeien dokter

 

Voor het onzijdig enkelvoud wordt in vele streektalen, en soms ook in het algemeen Vlaams, het lidwoord e[en] gebruikt. Dit heeft de vorm een wanneer het volgende woord met een b, d, h, t of klinker begint, maar de vorm e in alle andere gevallen.

    • een boeleke, e klein boeleke
    • e manneke, een blek manneke

 

3.2 Bepaalde lidwoorden

Ook bij de bepaalde lidwoorden kent het Vlaams meer mogelijke vormen dan het Nederlands. Het lidwoord hangt wederom af van het geslacht van het zelfstandig naamwoord.

 

mannelijk vrouwelijk onzijdig
enkelvoud de[n] d(e) het / 't
meervoud d(e)

 

Het bepaald lidwoord de[n] voor mannelijke zelfstandige naamwoorden heeft net als ne[n] de mannelijke uitgang -e[n]. De eind-n wordt dus enkel toegevoegd wanneer het volgende woord met een b, d, h, t of klinker begint.

    • de man, den bakker, den dokter, de slager, den trainer
    • den aap, de kleinen aap, den dikken aap
    • den drang, den hond, de vis

 

Het bepaald lidwoord d(e) voor vrouwelijke zelfstandige naamwoorden en alle meervouden heeft de vrouwelijke uitgang -(e). De eind-e valt dus weg wanneer het volgende woord met een klinker begint; we noteren het lidwoord dan als d' vast aan dat volgende woord.

    • (v) d'oefening, de moeilijkste oefening
    • (mv) de dagen, d'erste dagen, d'oievaars

 

Wanneer het volgende woord met een h begint hangt de vorm van d(e) af van het al dan niet uitspreken van die h (een variatie in de Vlaamse uitspraak). Wordt ze niet uitgesproken dan begint het woord eigenlijk met een klinker en wordt het lidwoord dus d'.

    • d'hogste tafel [d-ochst taafl] de hogste tafel [d hochst taafel]

 

Het bepaald lidwoord het voor onzijdige zelfstandige naamwoorden kan net als in het Nederlands verkort worden tot 't. In de Vlaamse spreektaal wordt de verkorte vorm meer gebruikt dan de lange.

    • da's 't grotste paard
    • hebde 't geld bij? [hebd-t-cheld-bij] (heb je het geld bij?)

 

Het woord het heeft in het Vlaams een aantal bijzondere eigenschappen die we later apart zullen bespreken (zie ...).

 

3.3 Bijzonder gebruik

De bepaalde lidwoorden worden in het Vlaams ook vaak gebruikt in de volgende gevallen:

 

  • voor mannelijke voornamen, wanneer naar die persoon verwezen wordt:
    • vraag et is aan den Bart.
    • dag Bart!
    • den Dirk, den Hans, de Mark, de Peter, den Tim
    • den De Backer, de Vandevelde

 

  • voor de dagen van de week, wanneer die zonder verdere precisering gebruikt worden:
    • ik kom de maandag terug
    • ik kom volgende maandag terug
    • den dinsdag, de woensdag, den donderdag, de vrijdag, ...

 

  • voor de dagen van de maand
    • de zesden oktober, den achtste maart

 

  • voor de namen van sommige sportploegen
    • den Anderlecht, den Beerschot

Forumdiscussie over dit artikel — 65 berichten
Verwijzingen naar dit artikel: